SOLID: werkgeverscheck
SOLID (Spiere-Helkijn) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 29 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?
Personeel
28,5 VTE
33 personen op 30-09-2025-1% tegenover 2024
Sector
mediaan 5,6 VTEhoogste kwart
Verloop
12%
9 in dienst, 4 uit dienst
Sector
mediaan 21%laagste kwart
Loonkost per VTE
€ 74.300
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Opleiding
46,6 uur per VTE
1.328 uur in totaal · € 51.200
Sector
37% rapporteert opleidingmediaan 17,2 uhoogste kwart
Loonkost per VTE door de jaren
euro per voltijds equivalent€ 60.064
2021
€ 56.001
2022
€ 58.101
2023
€ 53.618
2024
€ 74.276
2025
Van 2021 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 24%.
Personeel door de jaren
gemiddeld VTE30,8
2021
33,4
2022
30,7
2023
28,9
2024
28,5
2025
Van 2021 tot 2025 daalde het personeel met 7%.
In- en uitstroom
in dienstuit dienst
9 · 6
2021
7 · 8
2022
1 · 4
2023
3 · 6
2024
9 · 4
2025
Waarom mensen vertrokken in 2025
- Pensioen1
- Afdanking door de werkgever1
- Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)2
Samenstelling op 30-09-2025
33 personenVoltijds en deeltijdssector: 13% deeltijds
voltijds 29 (88%)deeltijds 4 (12%)
Mannen en vrouwensector: 11% vrouwen
mannen 27 (82%)vrouwen 6 (18%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 33 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 13 (39%)arbeiders 20 (61%)
Opleiding in 2025
| Deelnemers | Uren | Kost | |
|---|---|---|---|
| Formeel | 18 | 332 | € 18.100 |
| Minder formeel | 30 | 996 | € 33.100 |
De opleidingskost is 2,4% van de personeelskost.
Uitzendkrachten in 2025
- Gemiddeld ingezet
- 0,7
- Gepresteerde uren
- 1.337
- Kost voor de onderneming
- € 52.800
Sector
31% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 6%laagste kwart
Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.
Alle cijfers per boekjaar
zoals neergelegd| 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Gemiddeld personeel (VTE) | 30,8 | 33,4 | 30,7 | 28,9 | 28,5 |
| Voltijds / deeltijds (gemiddeld) | 29,5 / 2 | 31,9 / 2,3 | 27,8 / 4,2 | 24,8 / 5,7 | 25 / 4,7 |
| Personen op de afsluitdatum | 35 | 31 | 31 | 28 | 33 |
| Gepresteerde uren | 49.079 | 46.728 | 38.330 | 31.199 | 42.312 |
| Personeelskost | € 1.850.000 | € 1.870.400 | € 1.783.700 | € 1.549.500 | € 2.116.900 |
| In dienst (personen) | 9 | 7 | 1 | 3 | 9 |
| Uit dienst (personen) | 6 | 8 | 4 | 6 | 4 |
| Uitstroom | 19% | 24% | 13% | 19% | 12% |
| Opleidingsuren | 435 | 1.053 | 1.038 | 173 | 1.328 |
| Uitzendkrachten (gemiddeld) | 6,6 | 0,7 | 0,5 | - | 0,7 |
Erkend leerbedrijf
duaal leren, VlaanderenNiet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.
Stabiliteit van de werkgever
- Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
- Financiële gezondheid Checked score 54/100 (aanvaardbaar), jaarrekening 2025
- Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 29 dagen na de termijn neergelegd.
- Bestaat sinds 16-10-2001 (24 jaar)
Zo leest u deze cijfers
- Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
- Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
- De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
- De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
- Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.