Ga naar inhoud

ALDI: werkgeverscheck

ALDI (Heusden-Zolder) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 897 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

ALDI
BE 0445.596.125Heusden-ZolderNACE 47.110, Niet-gespecialiseerde detailhandel waarbij voedings- en genotmiddelen overheersen
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
896,5 VTE
1.074 personen op 31-12-2025+3% tegenover 2024
Sector mediaan 3,6 VTEhoogste kwart
Verloop
33%
505 in dienst, 458 uit dienst
Sector mediaan 60%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 61.100
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Opleiding
41,1 uur per VTE
36.806 uur in totaal · € 1.517.000
Sector 28% rapporteert opleidingmediaan 27,1 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 14%.

Best betalende werkgevers in Detailhandel

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 groeide het personeel met 11%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Pensioen24
  • Afdanking door de werkgever16
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)418

Samenstelling op 31-12-2025

1.074 personen
Voltijds en deeltijdssector: 33% deeltijds
voltijds 355 (33%)deeltijds 719 (67%)
Mannen en vrouwensector: 50% vrouwen
mannen 279 (26%)vrouwen 795 (74%)
Soort contractsector: 90% onbepaalde duur
onbepaalde duur 969 (90%)bepaalde duur 84 (8%)vervanging 21 (2%)
Beroepscategorie
bedienden 868 (81%)arbeiders 147 (14%)directie 5 (0%)andere 54 (5%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 389 8.294 € 320.600
Minder formeel 1.172 28.512 € 1.196.500

De opleidingskost is 2,8% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
2,7
Gepresteerde uren
5.323
Kost voor de onderneming
€ 211.600
Sector 23% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)822,9860,5861,5868896,5
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)334,2 / 635,3357,4 / 657,2352,6 / 667,5351,8 / 680,1358,9 / 710,5
Personen op de afsluitdatum9841.0141.0191.0271.074
Gepresteerde uren1.032.6981.068.5711.060.1691.071.2731.098.605
Personeelskost€ 44.153.500€ 48.535.900€ 51.362.200€ 52.379.200€ 54.771.400
In dienst (personen)310357332431505
Uit dienst (personen)302327327423458
Uitstroom26%26%26%36%33%
Opleidingsuren16.44218.70925.28727.54636.806
Uitzendkrachten (gemiddeld)17,85,23,83,22,7

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 44/100 (zwak), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 04-11-1991 (34 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.