Ga naar inhoud

VANEFLON: werkgeverscheck

VANEFLON (Hamme (Vl.)) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 42 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

VANEFLON
BE 0416.005.581Hamme (Vl.)NACE 20.110, Vervaardiging van industriële gassen
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
41,9 VTE
44 personen op 31-12-2025+5% tegenover 2024
Sector mediaan 24,6 VTEmiddelste helft
Verloop
7%
7 in dienst, 3 uit dienst
Sector mediaan 13%laagste kwart
Loonkost per VTE
€ 71.600
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 38% van de werkgevers in Chemische producten met 10 tot 49 VTE
Opleiding
2,7 uur per VTE
113 uur in totaal · € 2.400
Sector 65% rapporteert opleidingmediaan 14,3 ulaagste kwart

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 29%. De mediaan van de sector is € 82.300. Jaren met een onwaarschijnlijk cijfer staan er niet in.

Hoogste loonkost per VTE in Chemische producten

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 11%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)3

Samenstelling op 31-12-2025

44 personen
Voltijds en deeltijdssector: 15% deeltijds
voltijds 36 (82%)deeltijds 8 (18%)
Mannen en vrouwensector: 23% vrouwen
mannen 33 (75%)vrouwen 11 (25%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 44 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 11 (25%)arbeiders 33 (75%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 10 33 € 668
Minder formeel 40 80 € 1.800

De opleidingskost is 0,1% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
2,2
Gepresteerde uren
4.368
Kost voor de onderneming
€ 143.400
Sector 70% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)9,644,142,839,841,9
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)45,9 / 36,339,1 / 6,137,2 / 733,8 / 7,435,8 / 7,3
Personen op de afsluitdatum4548414044
Gepresteerde uren16.69176.62567.73463.86770.066
Personeelskost€ 548.900€ 2.616.200-€ 2.756.800€ 3.001.800
In dienst (personen)25147
Uit dienst (personen)42853
Uitstroom42%5%18%12%7%
Opleidingsuren-0-32113
Uitzendkrachten (gemiddeld)---3,62,2

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

De Vlaamse overheid erkent deze onderneming als werkplek voor duaal leren in 1 opleiding. Erkend sinds schooljaar 2022.

  • Omsteller verspaning en monteerder-afregelaar duaal (so)

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 87/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 01-05-1976 (50 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.