Ga naar inhoud

TALEA: werkgeverscheck

TALEA (Genk) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 12 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

TALEA
BE 0563.354.719GenkNACE 81.300, Landschapsverzorging
Sociale balans 2021 · verkort schemaAndere onderneming
Personeel
7,9 VTE
+21% tegenover 2024
Verloop
Niet vermeld
Loonkost per VTE
€ 44.700
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 30% van de werkgevers in Gebouwendiensten en landschapsverzorging met 10 tot 49 VTE
Opleiding
Geen gerapporteerd
De sociale balans van 2021 vermeldt geen opleidingsuren.

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 11%. De mediaan van de sector is € 51.300.

Hoogste loonkost per VTE in Gebouwendiensten en landschapsverzorging

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 groeide het personeel met 57%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

De sociale balans vermeldt geen in- of uitstroom.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
2021
Gemiddeld personeel (VTE)7,9
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)5,7 / 2,8
Gepresteerde uren12.598
Personeelskost€ 354.100

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 94/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 26-09-2014 (12 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.