Ga naar inhoud

STABICO-STIR: werkgeverscheck

STABICO-STIR (Lennik) telde in boekjaar 2024 gemiddeld 12 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

STABICO-STIR
BE 0789.302.064LennikNACE 71.121, Activiteiten van ingenieurs en aanverwante technische adviseurs, exclusief landmeters-experts
Sociale balans 2024 · verkort schemaAndere onderneming
Personeel
11,8 VTE
12 personen op 31-12-2024+22% tegenover 2023
Sector mediaan 3,2 VTEhoogste kwart
Verloop
37%
4 in dienst, 5 uit dienst
Sector mediaan 23%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 69.600
boekjaar 2024 · kost voor de werkgever, geen loon
Opleiding
Geen gerapporteerd
De sociale balans van 2024 vermeldt geen opleidingsuren.
Sector 37% rapporteert opleidingmediaan 19,6 ulaagste kwart

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2023 tot 2024 groeide het personeel met 22%.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Samenstelling op 31-12-2024

12 personen
Voltijds en deeltijdssector: 14% deeltijds
voltijds 11 (92%)deeltijds 1 (8%)
Mannen en vrouwensector: 26% vrouwen
mannen 8 (67%)vrouwen 4 (33%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 12 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 12 (100%)

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20232024
Gemiddeld personeel (VTE)9,711,8
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)9 / 0,911 / 1,1
Personen op de afsluitdatum1312
Gepresteerde uren21.70820.873
Personeelskost€ 971.900€ 828.400
In dienst (personen)134
Uit dienst (personen)05
Uitstroom0%37%

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 60/100 (gezond), jaarrekening 2024
  • Neerlegging jaarrekening De jaarrekening over 2025 ontbreekt nog, de wettelijke termijn is voorbij.
  • Bestaat sinds 02-08-2022 (4 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.