Ga naar inhoud

SOLVAY: werkgeverscheck

SOLVAY (Brussel) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 317 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

SOLVAY
BE 0403.091.220BrusselNACE 20.130, Vervaardiging van andere anorganische chemische basisproducten
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
316,8 VTE
310 personen op 31-12-2025-11% tegenover 2024
Sector mediaan 24,6 VTEhoogste kwart
Verloop
18%
32 in dienst, 59 uit dienst
Sector mediaan 13%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 353.600
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Staat niet in de ranglijsten: loonkost buiten 15.000 tot 300.000 euro per VTE.
Opleiding
26 uur per VTE
8.222 uur in totaal · € 1.139.300
Sector 65% rapporteert opleidingmediaan 14,3 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2023 steeg de loonkost per VTE met 18%. Jaren met een onwaarschijnlijk cijfer staan er niet in.

Hoogste loonkost per VTE in Chemische producten

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 63%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Pensioen2
  • Werkloosheid met bedrijfstoeslag (brugpensioen)14
  • Afdanking door de werkgever23
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)20

Samenstelling op 31-12-2025

310 personen
Voltijds en deeltijdssector: 15% deeltijds
voltijds 278 (90%)deeltijds 32 (10%)
Mannen en vrouwensector: 23% vrouwen
mannen 176 (57%)vrouwen 134 (43%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 309 (100%)bepaalde duur 1 (0%)
Beroepscategorie
bedienden 308 (99%)directie 2 (1%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 243 3.126 € 578.500
Minder formeel 304 5.096 € 560.800

De opleidingskost is 1,1% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
0,8
Gepresteerde uren
1.651
Kost voor de onderneming
€ 69.400
Sector 70% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)796,5761,4726,4357,5316,8
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)728,3 / 85,7706,6 / 69675,5 / 64,5333,4 / 30,1289,6 / 33,6
Personen op de afsluitdatum785776404337310
Gepresteerde uren1.327.5141.251.1061.212.143589.852509.573
Personeelskost€ 289.575.900€ 184.211.800€ 218.287.400€ 109.480.900€ 101.484.300
In dienst (personen)6091742632
Uit dienst (personen)1351004469359
Uitstroom17%13%60%26%18%
Opleidingsuren24.68616.00820.2737.7068.222
Uitzendkrachten (gemiddeld)31,51,41,30,8

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Vandaag geen erkende werkplek voor duaal leren.

3 eerdere erkenningen zijn afgelopen of stopgezet.

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 84/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 26-12-1863 (162 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.