Ga naar inhoud

ROGERS: werkgeverscheck

ROGERS (Evergem) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 85 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

ROGERS
BE 0406.657.553EvergemNACE 26.110, Vervaardiging van elektronische onderdelen
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
85,3 VTE
50 personen op 31-12-2025-38% tegenover 2024
Sector mediaan 8,7 VTEhoogste kwart
Verloop
97%
0 in dienst, 86 uit dienst
Sector mediaan 17%hoogste kwart
Loonkost per VTE
€ 298.100
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Staat niet in de ranglijsten: personeel meer dan een derde gedaald tegenover het jaar voordien (vertrek in de loop van het jaar, met opzeg- en ontslagvergoedingen, vertekent dat jaar).
Opleiding
14,4 uur per VTE
1.227 uur in totaal · € 94.600
Sector 52% rapporteert opleidingmediaan 12 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2024 steeg de loonkost per VTE met 41%.

Hoogste loonkost per VTE in Informatica- en elektronische producten

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 62%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Afdanking door de werkgever81
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)5

Samenstelling op 31-12-2025

50 personen
Voltijds en deeltijdssector: 15% deeltijds
voltijds 43 (86%)deeltijds 7 (14%)
Mannen en vrouwensector: 24% vrouwen
mannen 22 (44%)vrouwen 28 (56%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 50 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 44 (88%)arbeiders 6 (12%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 55 1.227 € 94.600

De opleidingskost is 0,4% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
0,8
Gepresteerde uren
1.650
Kost voor de onderneming
€ 95.600
Sector 33% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 2%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
2022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)184,6153,1138,385,3
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)173,7 / 15,4139 / 19,1124,5 / 18,778 / 10
Personen op de afsluitdatum19014513650
Gepresteerde uren275.578238.682208.024129.801
Personeelskost€ 19.835.100€ 20.749.000€ 15.378.700€ 25.430.100
In dienst (personen)28740
Uit dienst (personen)35521386
Uitstroom19%33%9%97%
Opleidingsuren3.4103.8404.0011.227
Uitzendkrachten (gemiddeld)9,673,80,8

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 94/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Personeel Het gemiddelde personeel daalde met 38% tegenover 2024. Een overdracht van personeel naar een andere vennootschap, bijvoorbeeld binnen een groep, geeft hetzelfde beeld.
  • Bestaat sinds 05-05-1969 (57 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.