Ga naar inhoud

PROVAN: werkgeverscheck

PROVAN (Genk) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 70 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

PROVAN
BE 0463.077.307GenkNACE 25.110, Vervaardiging van metalen constructiewerken en delen daarvan
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
70,3 VTE
78 personen op 31-12-2025+7% tegenover 2024
Sector mediaan 6,8 VTEhoogste kwart
Verloop
14%
16 in dienst, 10 uit dienst
Sector mediaan 22%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 62.000
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 25% van de werkgevers in Producten van metaal met 50 tot 249 VTE
Opleiding
32,8 uur per VTE
2.304 uur in totaal · € 36.800
Sector 37% rapporteert opleidingmediaan 12,9 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 51%. De mediaan van de sector is € 69.100.

Best betalende werkgevers in Producten van metaal

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 groeide het personeel met 14%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)10

Samenstelling op 31-12-2025

78 personen
Voltijds en deeltijdssector: 11% deeltijds
voltijds 66 (85%)deeltijds 12 (15%)
Mannen en vrouwensector: 10% vrouwen
mannen 71 (91%)vrouwen 7 (9%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 78 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 20 (26%)arbeiders 58 (74%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 21 672 € 20.700
Minder formeel 28 390 € 10.000
Initieel 2 1.242 € 6.100

De opleidingskost is 0,8% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
9,2
Gepresteerde uren
17.396
Kost voor de onderneming
€ 710.500
Sector 36% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%hoogste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)5455,360,365,570,3
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)47,7 / 7,648,5 / 8,853,2 / 1055,8 / 13,762,7 / 10,7
Personen op de afsluitdatum5658687278
Gepresteerde uren75.15677.45385.47396.814102.314
Personeelskost€ 2.695.800€ 2.859.200€ 3.251.300€ 3.886.500€ 4.355.200
In dienst (personen)61315916
Uit dienst (personen)8115510
Uitstroom15%20%8%8%14%
Opleidingsuren7261.5191.7351.4312.304
Uitzendkrachten (gemiddeld)5,76,66,26,29,2

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

De Vlaamse overheid erkent deze onderneming als werkplek voor duaal leren in 5 opleidingen. Erkend sinds schooljaar 2022.

  • Constructielasser (vwo)
  • Hoeknaadlasser duaal (so)
  • Lassen-constructie duaal (so)
  • Lasser-monteerder (vwo)
  • Lasser-monteerder duaal (so)

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 74/100 (gezond), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 06-04-1998 (28 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.