Ga naar inhoud

Persyn: werkgeverscheck

Persyn (Zwevegem) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 149 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

Persyn
BE 0405.435.056ZwevegemNACE 42.110, Bouw van autowegen en andere wegen
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
149 VTE
148 personen op 31-12-2025+9% tegenover 2024
Sector mediaan 7,2 VTEhoogste kwart
Verloop
44%
73 in dienst, 70 uit dienst
Sector mediaan 29%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 68.800
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 58% van de werkgevers in Weg- en waterbouw met 50 tot 249 VTE
Opleiding
4,9 uur per VTE
726 uur in totaal · € 41.200
Sector 46% rapporteert opleidingmediaan 12,2 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 23%. De mediaan van de sector is € 66.300.

Hoogste loonkost per VTE in Weg- en waterbouw

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 groeide het personeel met 25%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Pensioen2
  • Afdanking door de werkgever2
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)66

Samenstelling op 31-12-2025

148 personen
Voltijds en deeltijdssector: 7% deeltijds
voltijds 145 (98%)deeltijds 3 (2%)
Mannen en vrouwensector: 7% vrouwen
mannen 140 (95%)vrouwen 8 (5%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 148 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 29 (20%)arbeiders 119 (80%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 2 254 € 21.400
Minder formeel 118 472 € 19.800

De opleidingskost is 0,4% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
2,1
Gepresteerde uren
4.316
Kost voor de onderneming
€ 188.700
Sector 41% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 2%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)121,2117,6118,9136,7149
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)119,3 / 2,3114,6 / 3,8115,4 / 4,9133,8 / 3,8146,3 / 3,7
Personen op de afsluitdatum119121127145148
Gepresteerde uren195.434186.485184.443209.496237.264
Personeelskost€ 7.080.300€ 7.247.800€ 7.826.700€ 8.843.700€ 10.254.800
In dienst (personen)5760739073
Uit dienst (personen)6158677270
Uitstroom50%48%55%51%44%
Opleidingsuren9681.3882.1001.368726
Uitzendkrachten (gemiddeld)2,12,63,44,12,1

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Vandaag geen erkende werkplek voor duaal leren.

1 eerdere erkenningen zijn afgelopen of stopgezet.

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 93/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 30-12-1952 (73 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.