Ga naar inhoud

MICROTHERM: werkgeverscheck

MICROTHERM (Sint-Niklaas) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 120 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

MICROTHERM
BE 0407.566.878Sint-NiklaasNACE 23.660, Vervaardiging van andere artikelen van beton, cement en gips
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
120,4 VTE
126 personen op 31-12-2025-8% tegenover 2024
Sector mediaan 6,8 VTEhoogste kwart
Verloop
9%
2 in dienst, 12 uit dienst
Sector mediaan 17%laagste kwart
Loonkost per VTE
€ 93.000
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 89% van de werkgevers in Niet-metaalhoudende minerale producten met 50 tot 249 VTE
Opleiding
12,3 uur per VTE
1.486 uur in totaal · € 142.900
Sector 43% rapporteert opleidingmediaan 10,3 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 31%. De mediaan van de sector is € 73.000.

Hoogste loonkost per VTE in Niet-metaalhoudende minerale producten

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 28%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Pensioen4
  • Afdanking door de werkgever1
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)7

Samenstelling op 31-12-2025

126 personen
Voltijds en deeltijdssector: 10% deeltijds
voltijds 100 (79%)deeltijds 26 (21%)
Mannen en vrouwensector: 10% vrouwen
mannen 73 (58%)vrouwen 53 (42%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 126 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 36 (29%)arbeiders 90 (71%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 129 1.409 € 138.700
Minder formeel 36 77 € 4.200

De opleidingskost is 1,3% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
0,6
Gepresteerde uren
1.135
Kost voor de onderneming
€ 51.900
Sector 51% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)155,9162,3142,8130,2120,4
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)139,1 / 23,3145,2 / 23,5125,8 / 23,8109,4 / 28,199,9 / 28
Personen op de afsluitdatum163167143136126
Gepresteerde uren223.200220.295189.984185.907165.906
Personeelskost€ 11.736.400€ 13.764.100€ 12.379.000€ 12.161.800€ 11.197.500
In dienst (personen)1829672
Uit dienst (personen)2625291412
Uitstroom16%14%20%11%9%
Opleidingsuren2.9922.0522.2901.9191.486
Uitzendkrachten (gemiddeld)10,48,22,40,20,6

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 89/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 30-10-1970 (55 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.