FONVAL: werkgeverscheck
FONVAL (Aywaille) telde in boekjaar 2026 gemiddeld 41 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?
Personeel
41,4 VTE
48 personen op 31-01-2026+2% tegenover 2025
Sector
mediaan 3,6 VTEhoogste kwart
Verloop
13%
10 in dienst, 6 uit dienst
Sector
mediaan 60%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 52.200
boekjaar 2026 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector
Hoger dan 61% van de werkgevers in Detailhandel met 10 tot 49 VTE
Opleiding
10,6 uur per VTE
438 uur in totaal · € 23.100
Sector
28% rapporteert opleidingmediaan 27,1 ulaagste kwart
De sectorvergelijking gaat over boekjaar 2025: voor 2026 zijn nog te weinig jaarrekeningen neergelegd.
Loonkost per VTE door de jaren
euro per voltijds equivalent€ 41.489
2021
€ 45.266
2022
€ 45.798
2023
€ 48.131
2024
€ 48.308
2025
€ 52.217
2026
Van 2021 tot 2026 steeg de loonkost per VTE met 26%. De mediaan van de sector is € 46.300.
Personeel door de jaren
gemiddeld VTE43
2021
41
2022
41,2
2023
41,6
2024
40,4
2025
41,4
2026
Van 2021 tot 2026 daalde het personeel met 4%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.
In- en uitstroom
in dienstuit dienst
2 · 9
2022
12 · 7
2023
7 · 6
2024
8 · 12
2025
10 · 6
2026
Samenstelling op 31-01-2026
48 personenVoltijds en deeltijdssector: 33% deeltijds
voltijds 13 (27%)deeltijds 35 (73%)
Mannen en vrouwensector: 50% vrouwen
mannen 13 (27%)vrouwen 35 (73%)
Soort contractsector: 90% onbepaalde duur
onbepaalde duur 45 (94%)bepaalde duur 2 (4%)vervanging 1 (2%)
Beroepscategorie
bedienden 43 (90%)arbeiders 5 (10%)
Opleiding in 2026
| Deelnemers | Uren | Kost | |
|---|---|---|---|
| Formeel | 16 | 121 | € 10.600 |
| Minder formeel | 23 | 317 | € 12.500 |
De opleidingskost is 1,1% van de personeelskost.
Alle cijfers per boekjaar
zoals neergelegd| 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Gemiddeld personeel (VTE) | 41 | 41,2 | 41,6 | 40,4 | 41,4 |
| Voltijds / deeltijds (gemiddeld) | 15,8 / 30,3 | 15,1 / 30,5 | 14,8 / 31,8 | 13,2 / 32,4 | 13,4 / 33,5 |
| Personen op de afsluitdatum | 42 | 47 | 48 | 44 | 48 |
| Gepresteerde uren | 66.120 | 63.865 | 63.995 | 57.948 | 64.737 |
| Personeelskost | € 1.855.900 | € 1.886.900 | € 2.002.300 | € 1.951.600 | € 2.161.800 |
| In dienst (personen) | 2 | 12 | 7 | 8 | 10 |
| Uit dienst (personen) | 9 | 7 | 6 | 12 | 6 |
| Uitstroom | 19% | - | 13% | 26% | 13% |
| Opleidingsuren | 1.990 | 395 | 268 | 203 | 438 |
Stabiliteit van de werkgever
- Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
- Financiële gezondheid Checked score 78/100 (uitstekend), jaarrekening 2026
- Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2026 op tijd neergelegd.
- Bestaat sinds 19-02-1992 (34 jaar)
Zo leest u deze cijfers
- Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
- Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
- De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
- De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
- Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.