Ga naar inhoud

FABRIMODE: werkgeverscheck

FABRIMODE (Deerlijk) telde in boekjaar 2026 gemiddeld 356 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

FABRIMODE
BE 0441.904.977DeerlijkNACE 47.716, Detailhandel in dames-, heren-, baby- en kinderboven- en onderkleding en kledingaccessoires (algemeen assortiment)
Sociale balans 2026 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
356,3 VTE
447 personen op 31-01-2026-8% tegenover 2025
Sector mediaan 3,6 VTEhoogste kwart
Verloop
23%
103 in dienst, 118 uit dienst
Sector mediaan 59%laagste kwart
Loonkost per VTE
€ 47.300
boekjaar 2026 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 23% van de werkgevers in Detailhandel met 250 VTE of meer
Opleiding
54,7 uur per VTE
19.476 uur in totaal · € 321.600
Sector 29% rapporteert opleidingmediaan 27,8 umiddelste helft

De sectorvergelijking gaat over boekjaar 2025: voor 2026 zijn nog te weinig jaarrekeningen neergelegd.

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2021 tot 2026 steeg de loonkost per VTE met 60%. De mediaan van de sector is € 58.300.

Hoogste loonkost per VTE in Detailhandel

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2021 tot 2026 daalde het personeel met 8%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2026

  • Pensioen8
  • Afdanking door de werkgever3
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)107

Samenstelling op 31-01-2026

447 personen
Voltijds en deeltijdssector: 33% deeltijds
voltijds 107 (24%)deeltijds 340 (76%)
Mannen en vrouwensector: 50% vrouwen
mannen 8 (2%)vrouwen 439 (98%)
Soort contractsector: 90% onbepaalde duur
onbepaalde duur 385 (86%)bepaalde duur 61 (14%)vervanging 1 (0%)
Beroepscategorie
bedienden 445 (100%)arbeiders 2 (0%)

Opleiding in 2026

DeelnemersUrenKost
Formeel 10 113 -
Minder formeel 1.619 19.363 € 321.600
Initieel 0 0 -

De opleidingskost is 1,9% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2026

Gemiddeld ingezet
37
Gepresteerde uren
66.604
Kost voor de onderneming
€ 1.475.800
Sector 23% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20222023202420252026
Gemiddeld personeel (VTE)396,8395392,2386,6356,3
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)138,5 / 351,6132,2 / 356,5130,3 / 358,3120,7 / 359,3110,9 / 335,1
Personen op de afsluitdatum491487488462447
Gepresteerde uren526.358540.683537.169527.673499.856
Personeelskost€ 14.985.400€ 16.427.600€ 17.325.100€ 17.504.500€ 16.867.100
In dienst (personen)1101149691103
Uit dienst (personen)9911895117118
Uitstroom18%21%17%21%23%
Opleidingsuren14.06714.23220.25317.98319.476
Uitzendkrachten (gemiddeld)25,733,63831,137

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 89/100 (uitstekend), jaarrekening 2026
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2026 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 22-10-1990 (35 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.