Ga naar inhoud

DE MEYER: werkgeverscheck

DE MEYER (Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 13 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

DE MEYER
BE 0872.222.812Beveren-Kruibeke-ZwijndrechtNACE 43.222, Installatie van verwarming, klimaatregeling, koeling en ventilatie aangedreven door elektriciteit
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
12,8 VTE
13 personen op 31-12-2025+10% tegenover 2024
Sector mediaan 3,2 VTEhoogste kwart
Verloop
23%
5 in dienst, 3 uit dienst
Sector mediaan 31%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 49.700
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 12% van de werkgevers in Gespecialiseerde bouw met 10 tot 49 VTE
Opleiding
Geen gerapporteerd
De sociale balans van 2025 vermeldt geen opleidingsuren.
Sector 34% rapporteert opleidingmediaan 17,8 ulaagste kwart

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 daalde de loonkost per VTE met 4%. De mediaan van de sector is € 63.900. Jaren met een onwaarschijnlijk cijfer staan er niet in.

Hoogste loonkost per VTE in Gespecialiseerde bouw

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 52%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)3

Samenstelling op 31-12-2025

13 personen
Voltijds en deeltijdssector: 10% deeltijds
voltijds 13 (100%)
Mannen en vrouwensector: 10% vrouwen
mannen 13 (100%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 13 (100%)
Beroepscategorie
arbeiders 13 (100%)

Uitzendkrachten in 2025

Kost voor de onderneming
€ 59.600
Sector 23% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 3%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)23,2-11,811,612,8
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)20,7 / 3,412,4 / 111,1 / 0,911,3 / 0,412,7 / -
Personen op de afsluitdatum2013131113
Gepresteerde uren35.49015.99017.44614.24515.407
Personeelskost€ 1.272.000€ 547.000€ 673.100€ 600.500€ 636.700
In dienst (personen)135615
Uit dienst (personen)2012633
Uitstroom85%-49%26%23%
Opleidingsuren580----
Uitzendkrachten (gemiddeld)1----

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

De Vlaamse overheid erkent deze onderneming als werkplek voor duaal leren in 3 opleidingen. Erkend sinds schooljaar 2025.

  • Monteur sanitaire en verwarmingsinstallaties duaal (so)
  • Sanitaire en verwarmingsinstallaties duaal (so)
  • Vakman installatietechnieken (vwo)

2 eerdere erkenningen zijn afgelopen of stopgezet.

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 97/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 02-03-2005 (21 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.