Ga naar inhoud

CARESQUICK: werkgeverscheck

CARESQUICK (Zaventem) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 116 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

CARESQUICK
BE 0877.650.159ZaventemNACE 56.112, Activiteiten van eetgelegenheden met beperkte bediening, muv mobiele eetgelegenheden
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
115,9 VTE
209 personen op 31-12-2025+96% tegenover 2024
Sector mediaan 4,1 VTEhoogste kwart
Verloop
568%
1.566 in dienst, 1.484 uit dienst
Sector mediaan 300%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 38.000
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 24% van de werkgevers in Eet- en drinkgelegenheden met 50 tot 249 VTE
Opleiding
2,2 uur per VTE
255 uur in totaal · € 6.900
Sector 13% rapporteert opleidingmediaan 19,3 ulaagste kwart

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 38%. De mediaan van de sector is € 47.000.

Best betalende werkgevers in Eet- en drinkgelegenheden

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 groeide het personeel met 188%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Afdanking door de werkgever1.484

Meer uitdiensttredingen dan gemiddeld personeel: dat wijst op veel kortlopende contracten, zoals seizoens- of vakantiewerk.

Samenstelling op 31-12-2025

209 personen
Voltijds en deeltijdssector: 40% deeltijds
voltijds 11 (5%)deeltijds 198 (95%)
Mannen en vrouwensector: 41% vrouwen
mannen 110 (53%)vrouwen 99 (47%)
Soort contractsector: 71% onbepaalde duur
onbepaalde duur 87 (42%)bepaalde duur 122 (58%)
Beroepscategorie
bedienden 23 (11%)arbeiders 186 (89%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 16 255 € 6.900

De opleidingskost is 0,2% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
43,8
Gepresteerde uren
8.631
Kost voor de onderneming
€ 181.200
Sector mediaan 19%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)34,830,731,959,2115,9
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)6 / 36,56,2 / 31,76,5 / 32,58,8 / 71,210,1 / 200,7
Personen op de afsluitdatum433545127209
Gepresteerde uren39.56743.68944.22391.950174.102
Personeelskost€ 1.092.300€ 1.303.100€ 1.473.400€ 2.669.600€ 4.400.000
In dienst (personen)1821372671.566
Uit dienst (personen)2029271851.484
Uitstroom48%71%63%175%568%
Opleidingsuren48445130255
Uitzendkrachten (gemiddeld)11,53336,434,143,8

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 67/100 (gezond), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 01-12-2005 (20 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.