Ga naar inhoud

BLEIJENBERG: werkgeverscheck

BLEIJENBERG (Ranst) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 59 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

BLEIJENBERG
BE 0405.084.965RanstNACE 46.321, Groothandel in vlees en vleesproducten, uitgezonderd vlees van wild en van gevogelte
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
58,6 VTE
62 personen op 31-12-2025-3% tegenover 2024
Sector mediaan 5,1 VTEhoogste kwart
Verloop
204%
122 in dienst, 120 uit dienst
Sector mediaan 26%hoogste kwart
Loonkost per VTE
€ 84.300
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Opleiding
30,6 uur per VTE
1.795 uur in totaal · € 90.600
Sector 35% rapporteert opleidingmediaan 9,9 uhoogste kwart

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2021 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 18%.

Best betalende werkgevers in Groothandel

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2021 tot 2025 groeide het personeel met 12%.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Pensioen2
  • Afdanking door de werkgever1
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)117

Meer uitdiensttredingen dan gemiddeld personeel: dat wijst op veel kortlopende contracten, zoals seizoens- of vakantiewerk.

Samenstelling op 31-12-2025

62 personen
Voltijds en deeltijdssector: 17% deeltijds
voltijds 58 (94%)deeltijds 4 (6%)
Mannen en vrouwensector: 28% vrouwen
mannen 52 (84%)vrouwen 10 (16%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 55 (89%)bepaalde duur 7 (11%)
Beroepscategorie
bedienden 21 (34%)arbeiders 41 (66%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 67 716 € 48.900
Minder formeel 77 1.079 € 41.700
Initieel 0 0 -

De opleidingskost is 1,8% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
5,2
Gepresteerde uren
10.208
Kost voor de onderneming
€ 481.400
Sector 41% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 4%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)52,353,260,660,358,6
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)51,1 / 1,750,9 / 3,758,4 / 3,256,9 / 4,653,5 / 6,5
Personen op de afsluitdatum5456626062
Gepresteerde uren89.83191.98097.762100.04794.380
Personeelskost€ 3.727.700€ 4.149.300€ 4.684.100€ 5.070.900€ 4.937.700
In dienst (personen)2385150152122
Uit dienst (personen)2083144154120
Uitstroom38%120%223%255%204%
Opleidingsuren2226251.1891.2761.795
Uitzendkrachten (gemiddeld)3,245,93,15,2

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

Niet opgenomen in het Vlaamse register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 60/100 (gezond), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 04-05-1962 (64 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon. Onder 10 VTE benadert een gemiddelde het loon van een persoon; dat cijfer tonen we niet.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.