Ga naar inhoud

Ageres: werkgeverscheck

Ageres (Malle) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 29 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

Ageres
BE 0461.003.485MalleNACE 41.001, Algemene bouw van residentiële gebouwen
Sociale balans 2025 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
28,9 VTE
25 personen op 31-12-2025-17% tegenover 2024
Sector mediaan 3,3 VTEhoogste kwart
Verloop
31%
2 in dienst, 9 uit dienst
Sector mediaan 29%middelste helft
Loonkost per VTE
€ 72.300
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 81% van de werkgevers in Burgerlijke en utiliteitsbouw met 10 tot 49 VTE
Opleiding
68,9 uur per VTE
1.992 uur in totaal · € 19.900
Sector 42% rapporteert opleidingmediaan 20,6 uhoogste kwart

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 60%. De mediaan van de sector is € 61.700.

Hoogste loonkost per VTE in Burgerlijke en utiliteitsbouw

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2020 tot 2025 daalde het personeel met 38%. Jaren voor de sociale balans in deze vorm komen uit de jaarrekening zelf.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2025

  • Afdanking door de werkgever1
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)8

Samenstelling op 31-12-2025

25 personen
Voltijds en deeltijdssector: 9% deeltijds
voltijds 23 (92%)deeltijds 2 (8%)
Mannen en vrouwensector: 7% vrouwen
mannen 21 (84%)vrouwen 4 (16%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 25 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 6 (24%)arbeiders 18 (72%)andere 1 (4%)

Opleiding in 2025

DeelnemersUrenKost
Formeel 10 1.370 € 14.600
Minder formeel 8 46 € 2.000
Initieel 1 576 € 3.300

De opleidingskost is 1,0% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2025

Gemiddeld ingezet
0,2
Gepresteerde uren
290
Kost voor de onderneming
€ 14.800
Sector 30% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 2%laagste kwart

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
20212022202320242025
Gemiddeld personeel (VTE)444241,934,928,9
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)38,1 / 7,237,8 / 5,237,8 / 5,132,7 / 2,827,3 / 2
Personen op de afsluitdatum4341403225
Gepresteerde uren61.57362.72561.82252.11046.866
Personeelskost€ 2.170.000€ 2.348.700€ 2.484.400€ 2.231.200€ 2.089.400
In dienst (personen)74512
Uit dienst (personen)116699
Uitstroom25%14%14%24%31%
Opleidingsuren2672571.7865911.992
Uitzendkrachten (gemiddeld)--0,40,40,2

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

De Vlaamse overheid erkent deze onderneming als werkplek voor duaal leren in 3 opleidingen. Erkend sinds schooljaar 2025.

  • Binnenschrijnwerk en interieur duaal (so)
  • Interieurbouwer duaal (so)
  • Machinaal houtbewerker duaal (so)

2 eerdere erkenningen zijn afgelopen of stopgezet.

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 67/100 (gezond), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 09-07-1997 (29 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.