Ga naar inhoud

AB-Eiffage: werkgeverscheck

AB-Eiffage (Antwerpen) telde in boekjaar 2025 gemiddeld 170 voltijdse equivalenten. Groeit het personeel, blijven mensen er, en hoe verhoudt de werkgever zich tot zijn sector?

AB-Eiffage
BE 0404.114.173AntwerpenNACE 41.001, Algemene bouw van residentiële gebouwen
Sociale balans 2024 · volledig schemaAndere onderneming
Personeel
168,9 VTE
167 personen op 31-12-2024+1% tegenover 2024
Sector mediaan 3,3 VTEhoogste kwart
Verloop
13%
27 in dienst, 24 uit dienst
Sector mediaan 28%laagste kwart
Loonkost per VTE
€ 84.100
boekjaar 2025 · kost voor de werkgever, geen loon
Sector Hoger dan 89% van de werkgevers in Burgerlijke en utiliteitsbouw met 50 tot 249 VTE
Opleiding
12,6 uur per VTE
2.120 uur in totaal · € 108.400
Sector 42% rapporteert opleidingmediaan 17,4 umiddelste helft

Loonkost per VTE door de jaren

euro per voltijds equivalent

Van 2020 tot 2025 steeg de loonkost per VTE met 23%. De mediaan van de sector is € 69.600.

Hoogste loonkost per VTE in Burgerlijke en utiliteitsbouw

Personeel door de jaren

gemiddeld VTE

Van 2019 tot 2025 daalde het personeel met 9%.

In- en uitstroom

in dienstuit dienst

Waarom mensen vertrokken in 2024

  • Pensioen4
  • Afdanking door de werkgever5
  • Andere reden (einde van een tijdelijk contract, ontslag door de werknemer)15

Samenstelling op 31-12-2024

167 personen
Voltijds en deeltijdssector: 9% deeltijds
voltijds 142 (85%)deeltijds 25 (15%)
Mannen en vrouwensector: 7% vrouwen
mannen 144 (86%)vrouwen 23 (14%)
Soort contractsector: 100% onbepaalde duur
onbepaalde duur 167 (100%)
Beroepscategorie
bedienden 91 (54%)arbeiders 76 (46%)

Opleiding in 2024

DeelnemersUrenKost
Formeel 103 1.787 € 106.300
Minder formeel 2 9 € 467
Initieel 1 324 € 1.600

De opleidingskost is 0,8% van de personeelskost.

Uitzendkrachten in 2024

Gemiddeld ingezet
4,5
Gepresteerde uren
7.685
Kost voor de onderneming
€ 374.700
Sector 28% gebruikt uitzendkrachtenmediaan 2%middelste helft

Uitzendkrachten en personen die door een andere onderneming ter beschikking worden gesteld; zij staan niet in het eigen personeelsregister.

Alle cijfers per boekjaar

zoals neergelegd
2021202220232024
Gemiddeld personeel (VTE)168,8159,8156168,9
Voltijds / deeltijds (gemiddeld)150 / 26,4139,1 / 28,5137,3 / 25,4148,3 / 27,5
Personen op de afsluitdatum175165164167
Gepresteerde uren216.907208.992208.134208.779
Personeelskost€ 11.574.300€ 11.688.600€ 12.645.300€ 12.927.500
In dienst (personen)14172027
Uit dienst (personen)18262124
Uitstroom10%15%13%13%
Opleidingsuren2.6574.3814.6732.120
Uitzendkrachten (gemiddeld)1,34,43,44,5

Erkend leerbedrijf

duaal leren, Vlaanderen

De Vlaamse overheid erkent deze onderneming als werkplek voor duaal leren in 4 opleidingen. Erkend sinds schooljaar 2024.

  • Medewerker ruwbouw (vwo)
  • Medewerker ruwbouw duaal (so)
  • Metselaar (vwo)
  • Ruwbouw duaal (so)

1 eerdere erkenningen zijn afgelopen of stopgezet.

Bron: Departement Werk en Sociale Economie, register van erkende werkplekken voor duaal leren.

Stabiliteit van de werkgever

  • Toestand Actief; geen lopend faillissement of gerechtelijke reorganisatie.
  • Financiële gezondheid Checked score 81/100 (uitstekend), jaarrekening 2025
  • Neerlegging jaarrekening Jaarrekening 2025 op tijd neergelegd.
  • Bestaat sinds 07-11-1939 (86 jaar)

Zo leest u deze cijfers

  • Bron: de sociale balans in de jaarrekening die de onderneming bij de Nationale Bank van België neerlegde. Ze beschrijft het eigen personeel, niet dat van dochterbedrijven.
  • Personeelskost is de totale kost voor de werkgever (brutoloon, werkgeversbijdragen, verzekeringen en andere voordelen), geen loon van een werknemer.
  • De personeelskosten van de jaarrekening (rubriek 62) gedeeld door het gemiddeld personeel in voltijdse equivalenten van hetzelfde boekjaar: wat een voltijdse medewerker de werkgever kost, sociale bijdragen inbegrepen. Geen brutoloon en geen nettoloon.
  • De sector is de NACE-afdeling van de hoofdactiviteit. Percentages worden vergeleken met werkgevers van minstens 5 VTE; de middelste helft loopt van het eerste tot het derde kwartiel.
  • Uitstroom is het aantal uitdiensttredingen in voltijdse equivalenten tegenover het gemiddelde personeel. Studenten, flexi-jobs en seizoenswerk tellen mee en kunnen het percentage hoog maken.